Onverschilligheid

Onverschilligheid


Schijnbaar ongevoelig stelt gekwetstheid zich op, om in de wereld van presteren en pretenderen niet achter te blijven

Er is een groot verschil tussen onwetendheid die voort komt uit onschuld… en (quasi) onbenul dat het gevolg is van verdoving. Het eerste is puur vertrouwen… het tweede onverschilligheid.

Onverschilligheid is een verschijnsel van de tot object geworden geest. Er ontstond een gedaante uit conclusies over gebrekkig ervaren gebeurtenissen. Het zijnsbesef identificeerde zich daarmee in de veronderstelling dat die gedaante echt bestaat, dat deze het ik is.

Die vereenzelviging werd gecreëerd vanuit angst voor werkelijk ervaren… vanuit de voorbeelden die overal als 'dit is hoe we het doen' hoog gehouden worden.

Het zijnsbesef keert zich af van het Centrum dat het directe Licht is. Er gebeurt daardoor iets met de levensstroom… die wordt in ontkenning naar waarachtigheid afgeknepen.

Kunstmatige ideeën met betrekking tot Leven ontstaan, om mee te doen in de race om betekenis. Op ontkende pijn wordt een schijn-identiteit gefabriceerd die door waan gedomineerd wordt.

Het toelaten in het licht van deze zelf-geschapen vervreemding, maakt zijnsbesef weer bewust van genegenheid en open Zijn… van intuïtieve kracht en voelen… van inzicht en vergeving.